Sphaerichthys Osphromenoides

     

    

   

                                                                                                                             

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Wetenschappelijke naam: Sphaerichthys osphromenoides 
Gewone naam: Chocolade Goerami 
Groep: Labyrint vissen 
Habitat: AziŽ; MaleisiŽ, Sumatra, Borneo. 
Afmetingen: 6 cm 
Biotoop: langs de kant van kleine, stilstaande en langzaam bewegende zwarte wateren met veel begroeiing in Zuidoost-AziŽ. 
Sociaal gedrag: Een rustige, timide vis die het beste worden gehouden als een paarje in een soorten aquarium. Eventueel in combinatie met andere vissen te houden mits  kleine, rustige en niet-agressieve soorten. 
Dieet: Vlokken, artemia, muggenlarven, fruitvliegjes. 
Kweek: Zeer moeilijk en ongebruikelijk. 
Tank: Minimum 120 liter 
Bevolking: 6-12 vissen voor 120 liter 
Decoratie: De tank moet zwaar worden beplant, ook drijfplanten. Schuilplaatsen onder hout, stenen en wortels. De ondergrond moet donker zijn en de verlichting moet worden gedimt. Gebruik een filtersysteem, dat slechts geringe circulatie ontstaat. Deze soort doet het het beste in turf gefilterd water. 
Temperatuur: 26-28 į C 
pH: 4,5-5,5. 
Hardheid:  0 - 4
Levensduur: 2-3 jaar
Stroming: Geen

Waterlaag: Boven

 

Dit is geen vis voor beginners!

 

Een labyrint vis met een kort lichaam die een zijdelings samengedrukt lichaam heeft. Het heeft een ovaalvormig lichaam met een spitse kop en een kleine mond. De dorsale en anale vinnen zijn lang en loopt van de buik van het lichaam, bijna tot de staartvin. Het hoofdgedeelte is chocolade bruin met variaties tot roodbruin. Onregelmatige witte tot gele strepen lopen verticaal langs het lichaam. De vinnen zijn bruin met een gele rand langs de randen. Het mannetje heeft een gele of witte rand langs de rand van de anaalvin.

Deze vis werd aanvankelijk aangezien als een levenbarende, maar is nu bekend dat het om een muilbroeder gaat. Soms is een toevoeging van een kleine hoeveelheid zeewater nodig voor de initiatie van het paaien. Het paar blijft in de buurt van de bodem. De mannelijke muilbroeder houdt 20-40 jongen in de mond voor 14-20 dagen. De jonge moet worden overgedragen naar een andere tank. Ze zijn kwetsbaar en groeien zeer langzaamt. Vaak sterven de jongen aan infecties en veranderingen in het water. Begin met het voeden met klein levend voedsel.