Ziektes, problemen en plagen

     

   

   

                                                                                                                         

Hoofdmenu

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Alg voorkomen

 

Gezien de grote hoeveelheid methodes om algen te voorkomen en bestrijden is het aantal theorieŽn die algengroei in het aquarium proberen te verklaren zeer gering. Over het algemeen beperkt men zich tot slechts twee theorieŽn, die zoals gebruikelijk bij het onderwerp algen elkaar redelijk tegenspreken.

 

Theorie 1: beperking van beschikbare voedingsstoffen voor algen

De oudste en nog steeds meest beschreven methode om algen te voorkomen in het aquarium is door het beperken van de beschikbare voedingsstoffen voor algen. Bij deze methode wordt er vooral naar gestreefd om de fosfaat en nitraat gehaltes in het aquarium te minimaliseren. Het idee hierachter is dat wanneer minimaal ťťn van deze voedingsstoffen niet of in zeer geringe hoeveelheden aanwezig is de algen in hun groei geremd worden. Het echt minimaliseren van deze voedingsstoffen is praktisch alleen maar mogelijk met een aquarium met een kleine visbezetting of in een aquarium met zeer veel planten, aangezien aquariumplanten net als algen fosfaten en nitraten als voedingsstoffen nodig hebben. Over het algemeen wordt deze theorie vooral gebruikt voor dicht beplante aquariums, waarbij de opvatting heerst dat de planten in het aquarium beter in staat zijn de voedingsstoffen uit het aquariumwater op te nemen dan de algen.

 

De jarenlange praktijk lijkt ook te onderschrijven dat aquaria met lage fosfaat- en nitraat waardes over het algemeen minder last hebben van overmatige algengroei dan aquaria met hoge fosfaat- en nitraat waardes. In praktijk zijn er echter ook  veel aquaria die niet overeenkomen met deze theorie, zoals zwaar met fosfaat en nitraat 'verontreinigde' aquaria waarin nauwelijks noemenswaardige hoeveelheden algen te vinden, maar ook net zo veel 'voorbeeld' aquaria met nauwelijks fosfaten en nitraten die toch overwoekert worden met algen.Vanuit de praktijk blijkt dan ook dat een lage fosfaat en nitraat waarde zeker geen garantie is voor een algenvrij aquarium.

 

Ondanks de 'zwarte gaten' in de beschreven methode van beperking van de fosfaat- en nitraatwaardes heeft de hierboven beschreven benadering van fosfaat en nitraat in het aquarium jarenlang als standaard gefungeerd. Pas de laatste jaren lijken er mondjes maat andere benaderingen te komen op dit thema. Vooral vanwege problemen met algen in dicht beplante aquaria met zeer lage fosfaat- en/of nitraat waardes is men zich opnieuw in dit thema gaan verdiepen. Waarom dit pas de laatste jaren in gang gezet lijkt te zijn durf ik niet met zekerheid te zeggen, maar ik vermoed dat het de trend van het beperken van het aantal vissen in het aquarium (bron van fosfaat en nitraat) en het verbeteren van de groeiomstandigheden van de planten in het aquarium (de verbruikers van fosfaat en nitraat) ervoor gezorgd heeft voor het inzicht dat eenzijdig beperken van de fosfaat- en nitraatwaardes in het aquarium zeker niet altijd het beloofde resultaat oplevert.

 

Theorie 2: zorgen voor een voedingstoffen balans tussen fosfaat en nitraat

Sinds enige jaren begint langzaam het besef door te dringen dat het eenzijdig beperken van fosfaten en nitraten niet altijd een garantie is voor succes. Naar aanleiding van experimenten die uitgevoerd zijn tussen de verhouding stikstof (in het aquarium vooral aanwezig in de vorm van nitraat) en fosfor (in het aquarium vooral aanwezig in de vorm van fosfaat) in het water is er een verband gelegd tussen de kans op de ontwikkeling van blauwe algen of groene algen. Deze theorie is vooral bekend geworden onder de naam Redfield ratio.

 

In Nederland was Charles Buddendorf op zijn website de persoon die de zogenaamde Redfield ratio beter bekend maakte onder het grote publiek. Een uitgebreid artikel over deze ratio is terug te vinden zijn website. In het kort komt het erop neer dat de kans op algen bepaald wordt door de verhouding tussen het stikstof en fosfor gehalte van het water, wat in het aquarium versimpeld kan worden naar de verhouding tussen nitraten en fosfaten. De optimale verhouding tussen stiksof en fosfor in het aquarium is 16:1, waarbij de kans op algen het kleinst is. Hieronder staat de Redfield ratio in tabelvorm weergegeven berekend uit de verhouding nitraat en fosfaat.

 

N:P RATIO: NITRAAT EN FOSFAAT

Fosfaat (mg/l)

Nitraat (mg/l)

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

15

20

25

30

0,05

14

28

42

56

70

84

98

112

126

140

210

280

350

420

0,1

7

14

21

28

35

42

48

55

62

69

105

138

175

208

0,2

3

7

10

14

17

21

24

28

31

35

53

69

88

104

0,3

2

5

7

9

12

14

16

18

21

23

35

46

58

69

0,4

2

3

5

7

9

10

12

14

16

17

26

35

44

52

0,5

1

3

4

6

7

8

10

11

12

14

21

28

35

42

0,6

1

2

3

5

6

7

8

9

10

12

18

23

29

35

0,7

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

15

20

25

30

0,8

1

2

3

3

4

5

6

7

8

9

13

17

22

26

0,9

1

2

2

3

4

5

5

6

7

8

12

15

19

23

1,0

1

1

2

3

3

4

5

6

6

7

11

14

18

21

 

 

LEGENDA

 

Weinig kans op algen

 

 

Ratio

 

Kans op blauwe algen

 

Ondergrens (blauwe algen):

10

 

Kans op groene algen

 

Bovengrens (groene algen):

22

 

Bij het gebruik van de hierboven weergegeven tabel is het belangrijk om te realiseren dat de waardes in de tabel een vergrote kans op een bepaalde soort algen aangegeven. Zowel van blauwe als groene algen zijn er vele verschillende soorten die zich niet altijd aan de tabel houden. Echter als uitgangspunt voor de optimale verhouding tussen nitraat en fosfaat in het aquarium is deze tabel zeker een prima hulpmiddel.

 

Hoewel algengroei in het aquarium door een hoop factoren beÔnvloed wordt behoren het nitraat en fosfaat gehalte van het aquariumwater over het algemeen tot de belangrijkste factoren van de algengroei. Het is dus niet zozeer belangrijk om een zo laag mogelijk nitraat en fosfaat gehalte te hebben in het aquarium, maar een zekere verhouding tussen deze twee stoffen. Toch blijft het in eerste instantie belangrijk om het aquarium zo op te zetten dat excessieve fosfaat en nitraat waardes niet voorkomen. Als verdere uitgangspunten bij het opzetten van het aquarium is het belangrijk om van de eerdergenoemde punten uit te gaan:

 

  1. Kies voor een niet te dicht bevolkt aquarium.
  2. Ververs regelmatig een deel van het aquariumwater.
  3. Gebruik een zekere hoeveelheid planten in het aquarium.  

 

Als bij de inrichting en het onderhoud van het aquarium uitgegaan wordt is dit een goede basis, maar afhankelijk van het aquarium kan het nodig zijn om aanpassingen te maken in het nitraat en fosfaat gehalte. Hiervoor kan gebruik gemaakt van de methodes die hieronder beschreven worden.

 

Aanpassen van de verlichting

Voor een plantenaquarium is de verlichting de brandstof voor het aquarium. Naarmate een aquarium sterker verlicht is zal ook de behoefte aan voedingsstoffen van de planten hoger worden. In een sterk verlicht aquarium zijn dan ook eerder problemen met een lage fosfaat en nitraat waarde te verwachten als in een zwak verlicht aquarium. Door het verlagen van de verlichtingsintensiteit boven het aquarium zal de vraag van planten naar voedingsstoffen lager zijn, waardoor mogelijk net die balans gevonden wordt waarbij de fosfaat- en/of nitraat waardes niet naar een nulwaarde zakken. Bij wijzigingen in de verlichting moet echter ook altijd rekening gehouden worden met de lichtbehoefte van de gebruikte planten in het aquarium. Deze methode heeft effect op zowel de nitraat- als fosfaatwaarde. De nitraat- en fosfaat waarde zijn niet afzonderlijk van elkaar te controleren met deze methode.

 

Aanpassen van de hoeveelheid vissen

De vissen in het aquarium zijn met hun afvalstoffen de grootste bron van nitraten en fosfaten in het aquarium. Door de grote van de visbevolking in het aquarium aan te passen worden ook de nitraat- en fosfaatwaardes dan wel verhoogt of verlaagd. Zeker bij aankoop van nieuwe vissen is het wel belangrijk om te realiseren dat de gekochte vissen vaak nog veel zullen groeien en dat de belasting per vis in het aquarium hiermee ook zal toenemen. Met het oog op een juiste biologische balans is het dan ook van belang rekening te houden met de groei van de vissen en niet direct naar het effect op de korte termijn. Deze methode heeft effect op zowel de nitraat- als fosfaatwaarde. De nitraat- en fosfaat waarde zijn niet afzonderlijk van elkaar te controleren met deze methode.

 

Aanpassen van het plantenbestand

Planten in het aquarium zijn de grootste gebruikers van nitraten en fosfaten (tenzij er zeer veel algen in een aquarium zitten). Het aanpassen van het aantal planten zal dan ook een direct effect hebben op de nitraat- en fosfaatwaardes in het aquarium. Naast het aantal planten is bij planten ook de groeisnelheid van belang op het effect op de nitraat- en fosfaatwaardes. Snel groeiende planten zullen veel meer fosfaten- en nitraten consumeren dan langzaam groeiende planten. Bij een tekort aan nitraten en fosfaten in het water kan dan ook het vervangen van snel groeiende plantensoorten door langzaam groeiende plantensoorten helpen bij het bereiken van een biologische balans. Bij een te hoge fosfaat- en nitraatwaardes is juist het omgekeerde aan te bevelen. De plantengroei heeft zowel een direct effect op de fosfaat- als de nitraatwaardes van het water. Naar gelang de soort moet het wel mogelijk zijn om verhoudingsgewijs een licht verschil in het effect op fosfaten of nitraten te verwezenlijken, maar over het algemeen zijn deze eigenschappen van aquariumplanten niet algemeen bekend.

 

Aanpassen van het visvoer

Door de hoeveelheid voer voor de vissen te vermeerderen of verminderen kunnen de hoeveelheid nitraten en fosfaten in het water ook beÔnvloed worden. Hierbij moet echter rekening gehouden worden met de vissen in het aquarium, want het mag absoluut niet de bedoeling zijn om de vissen te verhongeren of juist vet te mesten. Wanneer enkel de fosfaat- of nitraatwaarde beÔnvloed moet worden kan ook het soort voer verschil uit maken. Diepvriesvoer en muggenlarve staan erom bekend veel fosfaten te bevatten, waardoor het gebruik van dit voedsel de verhouding fosfaten in het water wat toe kan laten nemen. Door de keuze van het juiste voedsel kan hierdoor de verhouding tussen fosfaat en nitraat in het water licht bijgestuurd worden. Helaas is het lang niet altijd bekend in wat voor verhouding fosfaten en nitraten in het voer voorkomen, waardoor deze methode in de praktijk niet altijd even makkelijk uitvoerbaar is.

 

Nitraten toevoegen aan het water

Vooral bij een onbalans in het biologisch evenwicht in het aquarium kan er gekozen worden om nitraten kunstmatig toe te voegen aan het water. Op deze manier is het direct mogelijk om het nitraat gehalte van het water aan te passen, waarbij dit onafhankelijk van het fosfaat gehalte kan gebeuren. Een veel gebruikte methode is het gebruik van kaliumnitraat wat verkrijgbaar is bij apotheken op te lossen in (osmose)water.

 

Fosfaten toevoegen aan het water

Vooral bij een onbalans in het biologisch evenwicht in het aquarium kan er gekozen worden om nitraten kunstmatig toe te voegen aan het water. Op deze manier is het direct mogelijk om het nitraat gehalte van het water aan te passen, waarbij dit onafhankelijk van het fosfaat gehalte kan gebeuren. Een veel gebruikte methode is het gebruik van kaliumfosfaat wat verkrijgbaar is bij apotheken op te lossen in (osmose)water.

 

Deel van het water wisselen

Bij te hoge fosfaat en nitraatwaardes is het verwisselen van een deel van het aquariumwater een goede methode om snel de fosfaat en nitraat waardes omlaag te halen (mits het gebruikte water fosfaat en nitraat arm is). Een regelmatige waterwisseling kan dan ook helpen de fosfaat en nitraat waardes binnen de perken te houden. Overigens is het voor de gezondheid van de vissen sowieso aan te raden regelmatig een deel van het aquariumwater te verversen.

 

Gebruik van nitraat of fosfaat absorberende middelen

Er zijn diverse commerciŽle producten te koop die fosfaat en/of nitraat uit het water binden. Het meest bekend zijn de speciale filtermaterialen, zoals zeoliet, die vaak of fosfaat of nitraat aan zich kunnen binden, maar er zijn ook vloeistoffen die aan het aquariumwater toegevoegd kunnen worden en fosfaten of nitraten in het water aan zich binden. Gerbuik deze middelene alleen als je ten einde raad bent en alleen in geval van aanhoudende problemen kunnen dit soort producten soms nuttig zijn om een overdaad aan fosfaat en nitraat uit het aquariumwater te verwijderen. Beter is het echter om de bevolking van het aquarium zo te kiezen dat een overdaad aan fosfaat en nitraat binnen de perken is te houden met een regelmatige waterwisseling.

 

Ozon

Relatief nieuw is het gebruik van ozon via een speciaal apparaat. Zie daarvoor de pagina over dit onderwerp.